Jeroen (43): ‘Mijn zoon spiegelt mij zó pijnlijk, dat ik walg van wat ik in hem zie. Wat moet ik hiermee?’
Het verhaal van Jeroen:
“Ik zie mezelf terug in mijn eigen kind. En dat is geen compliment. Hij is snel geïrriteerd, onrustig, kortaf en heeft overal commentaar op. Op zijn zusje. Op school. Op mij. Niks is ooit goed. En elke keer als hij met zijn ogen rolt, zucht of weer boos roept dat iets ‘stom’ is, voel ik iets in mij verharden. Ik wil niet dat hij zo doet. En tegelijk herken ik mezelf hierin. Dat maakt het misschien nog wel erger. Want hoe kan ik hem iets kwalijk nemen wat ik zelf ook doe?”
“Ik heb al zo vaak geprobeerd hem ‘positiever’ te laten doen. Door hem bij te sturen, te corrigeren. Ik hoor mezelf zeggen: ‘Zo praat je niet.’ ‘Waarom doe je zo boos?’ ‘Doe niet zo moeilijk, het is maar een spelletje.’ Maar hoe meer ik dat doe, hoe erger het lijkt te worden. Dan klapt hij dicht of hij gaat juist vol in de aanval. En ik voel mezelf ondertussen steeds harder worden.”
“Eerlijk? Het irriteert me mateloos. Zijn houding. Zijn toon. Zijn negativiteit. Soms denk ik: doe normaal man, stel je niet zo aan. En dan schrik ik. Want daar is het weer. Dit is niet de vader die ik wil zijn. En toch gebeurt het. Hoe stop ik dit?”
Vadercoach Marloes Craenen geeft advies
Wat je hier voelt, Jeroen, is geen afkeer van je kind. Het is afkeer van het gevoel dat zijn gedrag in jou oproept. Je hoort en ziet bij hem precies dat waar jij bij jezelf een hekel aan hebt. En die pijn gaat niet over zijn gedrag, maar over oude stemmen die zich hebben vastgezet in jouw hoofd. Stemmen van opvoeders, leraren of situaties waarin jij ooit bent gaan geloven dat je niet goed genoeg was. Dat je te veel was. Of juist te weinig. Terwijl: het klopt niet. Daar zit de wrok.
Even terug naar de basis: van nature is iedereen puur positief. Zo worden we geboren en zo gaan we dood. De tijd daartussen krijgen we te maken met gedachten. Positieve gedachten zijn helpend, negatieve gedachten activeren ons overlevingsmechanisme. Ze vinden hun oorsprong in omstandigheden waarin liefde werd verdrongen door angst, zoals dreiging, oorlog of armoede. Dat gaat vaak generaties terug. En generatie op generatie worden deze negatieve gedachten uitgesproken richting de kinderen en dus doorgegeven. Tot er een generatie opstaat en zegt ‘Stop! Dit niet langer.’ En volgens mij, Jeroen, ben jij nu daar vlakbij!
Wat te doen als je kind je spiegelt
Wat als het niet lukt?
En lukt dat even niet? Bijvoorbeeld omdat jullie in de auto zitten of omdat dit gebeurt terwijl hij al aan het sporten is? Stel hem dan vanaf afstand gerust. Sus zijn gedachten: “Het is oké.” of “Komt goed, maatje!” Daarmee laat je hem merken dat hij niet afgewezen wordt in wat hij voelt én dat hij niks hoeft te veranderen om gezien te worden.
Je kind vraagt geen verandering van zichzelf, maar regulatie van jou. Rust, liefde en acceptatie van jou. Dat is het enige wat hij echt nodig heeft. Niet omdat jij alles perfect moet doen, maar omdat jij degene bent die zijn gevoel van veiligheid kan herstellen en zijn emoties kan reguleren. Dus als jij stopt met vechten tegen wat je in hem ziet, hoeft hij die negativiteit niet langer voor jou te dragen. En precies daar ontstaat ruimte voor verzachting, verbinding én voor een ander verhaal. Voor jullie allebei.
Meer
vader-dilemma's lezen?
Herken jij je in dit verhaal? Wil je meer lezen? Of wil je met me sparren voor persoonlijke inspiratie?
Dat kan!


